1header_hansvervoort.jpg - Twee zanglevens

Welkom op de website van Hans Vervoort

Twee zanglevens

 

Boekelo... Boekelo... Boekelo... Ik mis je zo...


Zo begint het prachtige lied vol heimwee naar Toen Vroeger dat het duo Joop Visser en Jessica van Noord in 2013 zong in het dorpje dat zo heet. Ze hadden de Boekeloze Bokaal gewonnen, de publieksprijs van 't Verborgen Theater. En dat was voor Joop Visser aanleiding om dit lied van verlangen te schrijven. Een vooropgezette dankbetuiging zat er dus wel in, maar de melodie en de tekst waren en zijn prachtig.
Het was een nieuw hoogtepunt in het zangersbestaan van Joop Visser  die in de jaren vijftig onder zijn echte naam Jaap Fischer (1938) grote bekendheid genoot met studentikoze liederen zoals 'Het ei' 'Suzanne', en 'De monniken'. Ze werden in Leiden waar hij studeerde uitgebracht door de Studenten Grammofoonplaten Industrie (SGI). Al snel sloeg het succes toe en SGI ging op in het grote Bovema. Dat was in de periode 1960 – 1964. Met tienduizenden vlogen zijn platen over de toonbank.


Tot hij in 1964 plotseling verdween. Zelfmoord, werd geroddeld. Gek geworden. Gaan reizen.
Goed geïnformeerde kranten wisten  wel beter, in augustus 1965 berichtte Trouw: 'VOORMALIG zanger van wrange levensliedjes JAAP FISCHER is benoemd tot wetenschappeiijk ambtenaar bij het Instituut voor Volkenkunde in Utrecht. Jaap Fischer, by scholieren in hoog aanzien om zijn vaak gedurfde teksten, staat in Utrecht ingeschreven als drs. J. H. F. Fischer. De 27-jarige ambtenaar (zoon van prof. dr. H. T. H Fischer) zal zich in Utrecht bezig houden met de niet-westerse sociologie ten behoeve van de Afrikanestiek.'

In 1970 heeft het Nieuwsblad van het Noorden hem ergens anders ontdekt: 'Een comeback voor de nog steeds publiciteitsschuwe ex-chansonnier zit er niet in. In Thailand, waar hij werkzaam is op de Nederlandse ambassade, piekert hij er niet over. Hij laat weten niet meer achter zijn vroegere teksten te staan en geen behoefte te hebben aan nieuwe bekendheid met andere teksten.'

In 1971 gaat René de Bok van Het Parool op zoek naar Jaap en noteert: 'De schaars geworden ooggetuigen, die Jaap nog hebben zien optreden voor een beperkt publiek van de Leidse sociëteit of in het Noordwijkse studentencafé Porqué? herinneren zich Jaap als een schuchtere student met een stem, trillend van onzekerheid, een aanslag op de gitaar, die ook niet helemaal zuiver was, maar met iets, wat fascineerde. Applaus had hij niet nodig en met een snel handgebaar wuifde hij de geestdrift weg en begon weer aan een nieuw lied.' 


Geen wonder dus dat het succes hem te veel werd en dat hij onderdook in een carrière als ambtenaar. René de Bok ontdekt dat Jaap inmiddels terug in Nederland is. Hij woont in Scheemda en werkt als ambtenaar bij Opbouw Oost-Groningen. Hij is getrouwd en heeft twee kinderen. En nee, hij is geen artiest meer. 

En toch, en toch...  In 1976 blijkt Jaap verhuisd te zijn naar Haarlem waar hij docent Maatschappijleer en Economie wordt. En daar komen liederen van, ruim 300 zelfs. Harder en grimmiger dan in zijn studententijd, met titels als 'De Volkskrant is een kutkrant', 'De grootste leugenaar', 'Geert'. Hij is nog steeds wars van bekendheid en publiciteit en zijn in eigen beheer onder de naam 'Joop Visser' uitgebrachte platen worden dan ook zelden gehoord op de radio. Gelukkig zijn er op youtube veel opnamen te zien van Joop en zijn duopartner Jessica van Noord.

Maar aan alles komt een eind, en nu Joop 88 is gaat hij definitief met zangpensioen. Maar het moment waarop dat gaat gebeuren is onzeker. Het laatste bericht hierover: op 31 mei 2026 treden hij en Jessica voor het laatst op en doen dat in het Dorpshuis de Schalm te Westwoud (bij Hoorn). Maar bij Joop/Jaap weet je het nooit...

 

(Dit artikel verscheen in de krant Argus, 21 mei 2026.)